dinsdag 16 januari 2018

Wulp en regenwulp in Nieuwpoort

De Wulp (Numenius arquata) is de grootste steltlopersoort van onze contreien en heeft ook de langste snavel. Bij ons komt de wulp het jaar rond voor. Hij laat zich vaak opmerken door een vérdragend "koer-líe...".
De Regenwulp (Numenius phaeopus) is de kleinere en noordelijkere tegenhanger van de wulp. Hij broedt niet in ons land, maar is een doortrekker in voorjaar (meer binnenland) en najaar (meer aan de kust). Regenwulpen hoor je vaak eerder dan dat je ze ziet, het geluid is een karakteristieke triller: “bibibibibibi”.
De regenwulp (bovenste foto) is kleiner en donkerder dan de wulp (onderste foto), en heeft een kortere snavel, een opvallend  getekende kop met een smalle lichte kruinstreep, donkere zijkruinstrepen, een lichte wenkbrauwstreep, donkere oogstreep en een opvallende oogring.
Het exemplaar op de foto werd eind december gefotografeerd in Nieuwpoort: het betreft dus één van de zeldzame winterwaarnemingen van de regenwulp.



maandag 8 januari 2018

Woestijntapuit in De Panne

Deze Woestijntapuit (Oenanthe deserti) zit al sedert begin november in De Panne. Vorige week brachten we hem een bezoekje…
De woestijntapuit  broedt in het Kaspische-Zeegebied en verder oostelijk, tot in Mongolië. Het is een langeafstandstrekker, die overwintert in oostelijk Afrika, het Midden-Oosten en verder oostelijk tot India.
In Europa is het een, hoewel vrijwel jaarlijks waargenomen, zeer zeldzame dwaalgast, die vooral (vaak laat) in de herfst in Europa opduikt, en dan meestal in de nabijheid van de kust. Zoals dit exemplaar dus, dat zich overigens uitgebreid liet bewonderen en makkelijk liet benaderen.




dinsdag 7 november 2017

Velduil in Lovendegem

De Velduil (Asio flammeus) jaagt overdag, en wordt bij ons vooral in de herfst en de winter waargenomen. De laatste tientallen jaren is de soort flink in aantal achteruit gegaan. In onze streken broedt de velduil nog op de Waddeneilanden. Het exemplaar op de foto werd een week geleden gevonden in Lovendegem. Hoogstwaarschijnlijk heeft de uil zichzelf losgerukt uit een prikkeldraad, en daarbij zijn vleugel wellicht onherstelbaar beschadigd. Het dier werd afgevoerd naar het vogelopvangcentrum in Merelbeke. Als de vleugel niet geneest wordt deze uil  ofwel geëuthanaseerd, ofwel ingezet als educatieve vogel, bijvoorbeeld in het vogelopvangcentrum zelf.





maandag 23 oktober 2017

Distelvink in Zomergem

De Putter of Distelvink (Carduelis carduelis) is een zaadeter, die voorkomt in boomgaarden, parken en tuinen, groene woonwijken, kleinschalig landbouwgebied met veel heggen, hagen en houtkanten, maar ook in ecologisch beheerde wegbermen en braakliggende terreinen met een ruige vegetatie. Uitgebloeide planten en bloemen niet verwijderen is, in tuinen, de boodschap! Zacht gekwetter en vrolijk fladderen is dan de beloning. De distelvink kreeg  zijn rode gezicht doordat een druppel bloed op zijn kop viel toen hij een doorn uit Jezus' voorhoofd trok om hem van zijn pijn te verlichten. De naam ‘putter’ heeft hij te danken aan het feit dat de vogel kan leren om met een vingerhoed of miniatuuremmertje en een koordje water uit een drinkbakje te putten. Foto gemaakt in de tuin, waar nu al enkele weken een zestal distelvinken verblijft.


donderdag 28 september 2017

Vijfvlek-sint-jansvlinder in Zomergem en Sint-jansvlinder in Heist-aan-Zee

De in onze streken zeldzame Vijfvlek-sint-jansvlinder (Zygaena trifolii) behoort tot de familie van de bloeddrupjes. De vlinder heeft vijf rode vlekken, waarvan met name de middelste twee vaak met elkaar verbonden zijn. De bovenste 2 foto's werden dit jaar gemaakt in Drongengoed, waar er talrijke exemplaren vertoefden.

De vrij algemene Sint-jansvlinder (Zygaena filipendulae) is een bloeddrupje met zes rode vlekken op de voorvleugel: de rode vlek aan de vleugelbasis is gescheiden door een ader en telt voor twee. De onderste foto werd genomen in 2009, in Heist-aan-Zee.








































donderdag 14 september 2017

Roodpootschildwants in Zomergem

De Roodpootschildwants (Pentatoma rufipes) heeft karakteristieke brede en ver naar voren gelegen schouders die aan de voorrand afgerond zijn en aan de achterkant hoekig. De poten zijn opvallend oranjerood of roodbruin. Het connexivum (dwz het deel van het lichaam dat aan de zijkanten onder de vleugels uitkomt) is geblokt en het schildje heeft een duidelijk afstekende lichtgekleurde  geel- tot roodachtige punt. Deze wants is een algemeen voorkomende soort, die zich echter het liefst hoog in bomen en struiken ophoudt, en daarom weinig opvalt. De roodpootschildwants eet blaadjes en vruchtjes, maar jaagt ook op andere insekten. Ook in de winter is hij actief: hij jaagt dan op wintervlinders als  Gevlekte winteruil (Conistra rubiginea) en Grote wintervlinder (Erannis defoliaria).

























dinsdag 5 september 2017

Bruin blauwtje in Zomergem

Dit Bruin blauwtje (Aricia agestis) zag ik een paar dagen geleden voor het eerst in de tuin, wellicht omwille van het feit dat wilde planten op sommige plaatsen vrij spel hebben. Stijf ijzerhard (Verbena bonariensis), Jakobskruiskruid (Jacobaea vulgaris) en Rode klaver (Trifolium pratense) zijn waardplanten voor deze vlinder, en hebben hem -kortstondig- naar onze tuin gelokt. Het bruin blauwtje is een lokale soort, die normaliter voorkomt op droge, zandige graslanden en rivier- en kustduinen. Komt ook voor langs de kust, en er zijn tijdelijke vestigingen in het binnenland.
Icarusblauwtje (Polyommatus icarus) is veel talrijker, maar er zijn een aantal verschillen: het bruin blauwtje heeft geen blauwe bestuiving, er zijn geen wortelvlekken, en de vlindergids somt nog een en ander op…